Wanneer een baby tijdens de bevalling in een stuitligging ligt, dus niet met het hoofd maar met zijn achterwerk of voeten naar beneden, leidt dit tot risico’s voor de gezondheid van de moeder en baby.

Uit het onderzoek van Van den Berg blijkt dat een bepaalde behandeling op een specifiek acupunctuurpunt ervoor kan zorgen dat de baby voor de bevalling ‘spontaan’ draait. Dit kan veilig en succesvol gebeuren in overleg met een verloskundige onder begeleiding van een acupuncturist.

Van den Berg concludeert – na een grootschalige analyse van onderzoekscijfers – dat het toepassen van de methode waarbij het acupunctuurpunt wordt gestimuleerd bij een zwangerschapsduur van 33 weken leidt tot beduidend meer hoofdliggingen (66 procent) tijdens de bevalling dan bij een afwachtende houding (34 procent).

Moxa-therapie

De therapie waarover het gaat heet Moxa-therapie. Deze therapie maakt geen gebruik van naalden, maar van een gloeiende Moxa-staaf. Dit is een rol aangestoken bijvoetskruid, die ongeveer een duimbreedte boven een specifiek acupunctuurpunt op de kleine teen wordt gehouden.

De stralingswarmte die van de rol komt, zorgt voor de prikkeling van het acupunctuurpunt. Na een introductie en instructie van de acupuncturist, kan de behandeling aan de partner van de zwangere vrouw worden geleerd. Daarna wordt de Moxa-therapie in de daaropvolgende twee weken door de partner thuis toegepast.

Van den Berg raadt aan deze therapie alleen toe te passen in overleg met de behandelend arts of verloskundige en met uitleg van een gediplomeerde acupuncturist.

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *